zaterdag 26 augustus 2017

Individu en gemeenschap - samenleving in constructie.

Mensen zien vaak geen verband tussen hun persoonlijke, individuele leven en de samenleving waar ze deel van uit maken. Steeds weer loop ik hier tegen aan in mijn werk, in het heersende denken om me heen.
Nog twee jaar, dan mag ik met pensioen (emeritaat zeggen we dan in predikantenkring). De datum staat vast vanaf wanneer ik AOW krijg uitbetaald. Een toch wat gekke aanduiding eigenlijk van wat best een belangrijk moment is: einde van beroepsmatig leven. In mijn geval is dat sinds 2005 een halftime functie in de kerk. Maar daarnaast ook ben ik voor de andere helft van de tijd schrijvend werkzaam. Dat blijf ik verder doen. Allerlei vragen komen op ten aanzien van bijvoorbeeld hoe ik zal wonen en waar. Door mijn wonen en werken op twee plaatsen - Amsterdam en Deventer - zal de keuze hier nog niet gemakkelijk vallen. Of ik blijf in Amsterdam wonen of verplaats me helemaal naar Deventer. Op deze plek en op dit moment ga ik daar verder niet op in.
Hier is een terugblik aan de orde op waar ik vanuit mijn levens- en maatschappijvisie sterk tegen aan gelopen ben en hoe het daar nu mee gesteld is. Dit is ook het vlak waarop een belangrijke lijn in mijn lopende onderzoeks-  en boekproject zich afspeelt: 'De zending van de kerk in de buurt, in een globaliserende samenleving'. Dat is altijd een soort participerende en heen en weer gaande activiteit geweest. In mijn onderzoek denk ik na over wat ik in mijn werkpraktijk als voorganger in een gemeente tegen kom en omgekeerd levert mijn onderzoek vaak woorden en kijkwijzen op die ik in mijn werk kan gebruiken.

Los van de samenleving
In de kerk worden mensen vaak enkel als individuen aangesproken, in theologie en prediking. Het lijkt wel alsof de God van de Bijbel enkel tot individuen en hun individuele leven spreekt. Men krijgt dan de indruk: ik kom enkel als individuele mens voor. In welke historische en sociale samenhang iemand staat schijnt daarbij onbelangrijk of wordt zelfs helemaal niet gezien als iets dat er is. Individu en samenleving staan volstrekt los van elkaar en in die sfeer heeft ook de God van de Bijbel niets met die samenleving te maken. Voor mij is altijd belangrijk geweest om die samenhang aan te geven en te bezien hoe de samenleving zich overigens ook ontwikkelt, met de mensen daarbinnen. Mensen worden zo uiteindelijk niet echt serieus genomen, zonder dat dat overigens betekent dat het helemaal niet over individuen zou moeten gaan.
Dit ligt niet enkel in de kerk zo, ook al krijgt het daar een eigen dimensie door te spreken van God als enkel de individu aansprekend en van geloven als iets dat enkel door individuen gedaan wordt. In de hele samenleving en in het heersende denken worden mensen, als ze al aangesproken worden, als individuen aangesproken of gezien. In de meer extreme gevallen wordt ten aanzien van de armoede van individuele mensen in heersende kringen nog wel eens gedacht 'eigen schuld dikke bult'. Dat hier sprake is van een politiek beleid waar mensen arm mee gehouden worden (steeds weer nieuwe bezuinigingen over zich heen krijgen) is niet een benadering die je dan hoort. Wat er dan gebeurt is dat mensen hun situatie niet begrijpen, geen instrumenten aangereikt krijgen om dat te gáán doen dan wel minstens daartoe te worden gestimuleerd om die te vinden. Klassenanalyse of meer algemeen sociologische analyse van groepen in de samenleving wordt vandaag de dag zo ongeveer als iets uit de oude doos bekeken.

Constructie van de samenleving
Op een heel eigen manier komen we de vraag naar de verhouding tussen individu en samenleving tegen in het heersende denken dat we met neoliberalisme kunnen aanduiden. Naar individuen toe kunnen we de benadering hier vinden die ik al aanduidde dat bijvoorbeeld armoede onder mensen in feite gezien wordt als 'eigen schuld dikke bult'. We komen het ook op een andere manier tegen. 'De mensen moeten niet zoveel klagen'. Tenslotte is er de centrale gedachte dat je mensen in hun 'eigen kracht' moet zetten. Men bedoelt dan niet dat je mensen moet leren hun benauwenissen economisch/ politiek te vertalen in belangen en in strijd voeren voor die belangen samen met anderen.
Men bedoelt dan iets anders. Het begrip participatiesamenleving of verwante termen duiken dan op. Nu is er helemaal niets tegen om mensen wat actiever te maken en een deel van hun verantwoordelijkheid voor de samenleving te laten oppakken. Maar het is veelal het verkooppraatje voor het doorvoeren van bezuinigingen op kwetsbare mensen en sectoren. Waar je vrijwilligers voor hebt, hoef je immers geen betaalde krachten meer in te zetten. Mensen in hun eigen kracht zetten bedoelt hen van de bank te halen en de straat op te sturen, vooral in zorg en welzijnswerk. Als mantelzorger of als bestuurder van een speeltuinvereniging of wat al niet. Zo wordt een nieuwe maatschappij geconstrueerd, maar in feite gereconstrueerd. Niet dat er niets was dat de naam zorgmaatschappij kon dragen. Er wordt iets anders geconstrueerd. Er vindt dus een re-constructie plaats. Een andere zorgmaatschappij of afbraak van de oude zonder dat er iets verantwoords voor in de plaats komt.

Wat te doen?
Nu kun je op je achterste gaan zitten met de armen over elkaar en de dingen laten gebeuren, zoals ze gebeuren. Juist op dit punt ben ik met anderen in de buurt bezig om iets te ontwikkelen wat wellicht lijn kan geven aan het opkomen tegen de ontwikkeling richting afbraak van de zorgsamenleving. Dit iets bestaat uit een soort cursus om beter te snappen wat er bezig is te gebeuren. Om de dingen in een samenhang te gaan zien. Om te kijken of we met kritische gevoelens en gedachten iets kunnen doen in de strijd die hier nodig is. We doen dit vanuit onze buurtorganisatie 'Laat het van twee kanten komen'. We nodigen voor de diverse avonden die we organiseren vrijwilligers en professionals uit en proberen tot een soort platform te komen. Op deze avonden komen deelthema's aan de orde in dit verband. Daar nodigen we mensen voor uit die op zulke punten een kritische houding innemen. Zo hadden we begin dit jaar een avond over perikelen in de thuiszorg. De organisatie Buurtzorg kwam vertellen hoe zij werken en hoe zij bepaalde zaken buiten de deur wil houden en anders en dichter bij de mensen wil werken. Zonder managers en tijdschrijverij via de computer, met de bedoeling om samen met de mensen tot een werkplan te komen. Zij maken duidelijk dat dingen anders kunnen en dat dat inspirerend kan zijn. In de voorbereidingsgroep ('Samenleving in constructie') zitten mensen die een kritisch gevoel hebben met betrekking tot wat bezig is te gebeuren op het vlak van de zorgstaat. Wat mij betreft is het samenhang brengende begrip 'Neoliberalisme'. Mensen hoeven dat niet perse ook te vinden, maar ik heb de vrijheid om dat wel zo te zien en me daarover zo uit te spreken. Er zijn vast meer modellen van het uiten van weerstand te vinden dan Buurtzorg, maar daar hebben we het hier verder niet over.

Atheïstisch spreken van God 
Heel lang al is voor mij in theorie en handelen belangrijk geweest om dit uit elkaar halen van individu en samenleving te bestrijden en anderen ertoe te bewegen het op een voor hen nieuwe wijze te gaan zien. Als theoloog en christen heb ik geleerd om deze kwestie in verbinding te brengen met wat God volgens de Bijbel tot Mozes zegt, wanneer hij hem roept om terug te gaan naar Egypte en leiding te gaan geven aan de uittocht van zijn volk dat daar in slavernij en benauwdheid verkeert. We horen daarover in Exodus 3.  We horen daar dat God hem duidelijk probeert te maken dat hij de ellende en het gejammer van zijn volk heeft gezien respectievelijk gehoord. In termen van Romeinen 8 waar Paulus zegt: 'wij weten dat de hele schepping nog altijd zucht en lijdt als in barensweeën'. Hier is het ook dat we Marx horen zeggen dat de 'religie de zucht is van de in benauwenis verkerende creatuur...' (in: 'Religie is opium van het volk'). Het kan maar zo zijn dat hier Marx' Joodse afkomst en dus het opgegroeid zijn met Tenach (de Joodse bijbel, door christenen ook wel Oude Testament genoemd) doorwerkt. Maar dit terzijde. We horen tenslotte in Exodus dat God zélf (althans zo werd dat door de bijbelschrijver ervaren) zich zelf duidelijk maakt als degene die het gezucht van de creatuur hoort en hen wil bevrijden.
In dit verband valt ook te horen dat in de Tien Woorden het eerste Woord is dat het volk geen andere goden moet dienen dan deze God. De God 'die uit het diensthuis en Egypte bevrijdde' staat er dan ook als motivatie. De andere goden zijn onderdrukkers en meer maatschappelijk uitgedrukt de machten die mensen tot slaaf maken. In het Nieuwe Testament horen we dan van Mammon en Moloch, respectievelijk geld en geweld. Gods' bevrijdende werk samen met Mozes en het volk, in het geval van Exodus, is de strijd tegen concreet die twee goden. Daarin beleef ik het maatschappelijke en praktische atheïsme van die God uit de Bijbel. Nu kunnen we nog een hele boom opzetten over de verschillende atheïsmen die er zijn onder mensen. Dat doe ik niet hier, want dat is een heel aparte discussie. Belangrijkste is hier het aanduiden van de maatschappelijke betekenis van de God van de bijbel en hoe het hier gaat om een praktijk met het oog op concrete mensen die echter in benauwenis verkeren en waarom dan. Hier is een centrale plek in de bijbel waar God dus zo en hier te ontdekken valt, als je hem wilt vinden. Hier is van God op een atheïstische manier gesproken.

Han Dijk



maandag 31 oktober 2016

Cross Roads basis van de blues.

Voor mij een late ontdekking in die zin dat 'ons café'met die naam, bij mij schuin tegenover, er helaas niet meer is en ik er kwam zonder te weten waar de naam op sloeg. Ik merkte alleen: dit is hier in Deventer het huis van Blues- en Rockmuziek. Daar zorgden Bertus en Maria wel voor.
Cross Roads of Crossroads, aan elkaar geschreven, is niet alleen de aanduiding van een kruispunt (in Deventer). Het is de aanduiding van een zeer bepaald kruispunt. Het kruispunt van Highway 61 en Highway 49 bij het plaatsje Clarksdale in de VS. Gelegen in de swamps van de Mississippi-delta. En wat dan nog? Het is het kruispunt waar Blueszanger uit de begintijd, Robert Johnson, in de 30-er jaren van de vorige eeuw volgens legende zijn ziel aan de duivel verkocht in ruil voor briljant gitaarspel. Een tafereel dat overigens op de volledige achterwand van het voormalige café Crossroads in aanzet was geschilderd. Clarksdale blijkt ook de plaats te zijn waar andere bekende Bluesmusici hun wieg hadden staan: Sam Cooke, Ike Turner, John Lee Hooker. Muddy Waters groeide er op.

Veenoorden en plantages
We beluisteren dit in een verhaal van de hand van 'Top 2000'- professor Leo Blokhuis in de Kampioen van oktober. Hij schrijft in een reisreportage over het land van de Blues, de RockandRoll, de Jazz en ook de Country&Western - daar heeft Blokhuis het overigens verder niet over. Voor mij nu een reden om me toch eens verder in dit begrip 'Cross Roads' te verdiepen.
Een extra reden, want eerder al kwam ik het tegen in de videoreportage van vriend Harry Muskee samen met iemand van de Drentse RTV. Zij maakten een serie over dit land waar Muskee zijn muzikale wortels heeft liggen, naar blijkt uit zijn bijdragen in e sfeer van 'gewoon en toch gek genoeg'. Hij noemt Drente het Mississippi van Nederland . De vroegere plantages zijn volgens hem te vergelijken met de oude veengebieden in die provincie. De veenarbeiders werkten voor de rijke boeren en grootgrondbezitters. Ze woonden in plaggenhutten, vergelijkbaar met de houten 'cabins' waar de zwarte slaven in woonden. Deze reportage was te zien in het Drents Museum in Assen over 75 jaar Harry Muskee en is opgekocht door de VPRO.
Nu ik het weer tegen kom, kan ik niet nalaten me er eindelijk eens wat meer in te verdiepen en er over te schrijven. Dat heeft wederom te maken met het feit van de eerdere aanwezigheid in mijn nabijheid van een Blues- en Rockcafé van die naam waar ik blij mee was, gezien mijn muzikale voorkeuren. Er is dus bewust voor die naam gekozen. Het wilde (helaas 'wil-de'; vt) iets aanduiden van de aard van dit café. Een café waar ik mensen leerde kennen in samenhang met de muziek die er te beluisteren viel. Tevens de nodige live-muziek die er mocht wezen. Ook al was het wel eens zo dat je elkaar niet kon verstaan, omdat de muziek, vaak met beamer-beelden ondersteund, qua geluid liefs wel zo onversneden mogelijk voorgeschoteld kregen. Daar deed Bertus niet ingewikkeld over.

The Cream en Eric Clapton
Hoewel Johnson in zijn versie van het lied met die naam niet expliciet verwijst naar wat er volgens de legende gebeurde met hem, het zijn wel deze Crossroads waar zich iets dergelijks moet hebben afgespeeld. Ook is het hét lied van de Blues geworden. Een soort home. Na versies in de vijftiger begin zestiger jaren van ene Elmore James was het de stevige rockband The Cream die het eind zestiger jaren opnieuw op de muzikale agenda zette. De band met de tot klinken gebrachte namen van gitaristen Eric Clapton (ook enige tijd gitarist bij John Mayall's Bluesbreakers), Jack Bruce en drummer Ginger Baker, grondlegger van deze geweldige band. Dat vond ik vanaf het begin en ze hoorden tot het type muziek waar je net als bij Blue Cheer de schuif van de geluidsinstallatie graag hoog voor zette, wilde je het tot zijn uiterste recht laten komen.
Het nummer 'Crossroads' ken ik overigens niet uit die tijd. Bij lezing van het stukje van Leo Blokhuis had ik zoiets van 'nu wil ik ook wat hóren'. You Tube is dan een uiterst prettige tak van de nieuwe media. Je kunt het zo gek niet bedenken of je vind het wel. In dit geval vond ik een weergave van een deel van de gitaarconcerten die Eric Clapton sinds eind negentiger jaren van de vorige eeuw organiseert en die hij - jawel - Crossroads Gitaarfestivals noemt. Die worden wel niet zozeer in Clarksdale gehouden, maar in een noordelijke stad, in Chicago. Een van de steden waar bevrijde zwarte slaven uit het Zuiden heen getrokken waren en hun muziek meenamen. In Detroit is dat te merken aan de Motown-traditie.

BB King geeft de toon aan
In mijn zoekproces bleef ik hangen in het concert van 2010, de finale ervan. Te vinden op You Tube 'Eric Clapton - BBKing - Crossroads 2010 - live'. We zien BB King in het centrum van het gebeuren. Met een vriendelijk en genietend gezicht. Clapton naast hem en verder nog Jimmy Vaughan en Robert Cray. King geeft de toon aan en zingt. De andere drie geven beeurtelings een solo ten beste die de anderen ondersteunen. Geweldige klanken en een bijzonder samenspel van gitaren die op de best mogelijke manier op elkaar lijken te zijn afgestemd. Op een bepaald moment komen de anderen terug op het podium. Je ziet Ron Wood van de Stones verschijnen en Steve Winwood , maar ook vele anderen die ik niet direct kan plaatsen. Het is een feest. Zo'n festival zou ik graag eens meemaken. Geweldig.
Door de weergave van dit concert op Facebook te plaatsen deed ik kennelijk heel wat anderen een plezier, getuige de diverse likes en reacties. Daaronder van Jan de Boer, bij sommigen bekend als El Boero, kennis uit de Crossroadstijd en Blueskenner. Binnen de kortste tijd vulde hij mijn verhaaltje aan met enkele nadere gegevens. Over de verdere geschiedenis van de song en de verschillende versies ervan schrijft Wikepedia het nodige onder 'Cross Roads Blues'. Ook is daar een omvangrijk stuk gewijd aan 'Robert Johnson'. Teveel om hier samen te vatten of te herhalen.

Han Dijk.

In mijn verhalenboek 'Op de grens tussen werelden' is het hart van het boek in directe en minder directe zin gewijd aan ervaringen in café Crossroads. Illustrator Hans Stempher maakte een tekening van dat café. Dit verhaal zou daar heel goed gepast hebben.

'Op de grens tussen werelden', uitg. ArtNik, Deventer, 2015, 198 bladzijden, ISBN 978-94-9048-26-4, Kosten: Eur. 14.95. Te bestellen via ArtNik. 





vrijdag 7 oktober 2016

Openingen zoeken.

Gisterenavond had ik weer eens zo'n gesprek. In mijn café. Mensen weten me dan soms al gauw te vinden, ook al zit ik ook maar gewoon mijn pilsje te drinken. Of het komt ter sprake dat ik ook predikant ben. Dat brengt dan vragen naar boven die anders meestal niet besproken worden. Mensen die hun geloof zijn kwijtgeraakt denken vaak dat er maar één manier van aankijken tegen de dingen is. De manier waar zij tegen zijn opgelopen en niets meer mee kunnen. Nu hoeft er wat mij betreft helemaal geen weg terug te zijn. Ik ben niet zo één van bekeren die hap. De gesprekspartner wilde niettemin toch wel weten wat die andere manier dan is. Hij duidde aan dat de Tien Geboden wel iets uitstralen waar alle mensen, mensen uit alle religies wat mee aan kunnen.  'Nou ja, behalve die eerste drie geboden dan, hé, waar het over God gaat.' Volgens mij zijn die eerste drie geboden echter nu juist van grote betekenis om die andere, meer menselijk/maatschappelijke geboden gewicht te geven. Als we zien dat de goden om wie het gaat die we niet zouden mogen vereren naast hem/haar, ingevuld worden met de machten in deze wereld die het leven van mensen behoorlijk verzuren zo niet onmogelijk maken: geld, winst en marktwerking. 'Nou, maar dat zijn toch geen goden?' Toen hield het gesprek zo ongeveer op. Het was ook al laat. Ik ga hier verder.

Hoe je tegen God en vooral ook hoe je tegen de goden aankijkt is één van die items waar mensen anders zullen moeten denken wil het ooit nog eens wat worden met die (in ieder geval) bijbelse God. Naar aanleiding van het gesprek kwam ik net ook al dat andere item tegen: bekering. Kijken we daar anders tegen aan, dan verandert er ook wat. Het derde item is het begrip 'zending'. De kerk waar ik toe behoor en naast mijn schrijfwerk ook predikant bij ben, de PKN, heeft het tegenwoordig hoog in zijn vaandel: zending bedrijven. Dat hier ook anders tegenaan moet en kan worden gekeken wil het tot een ander handelen komen die niet de kerk, maar kleine en kwetsbare mensen groot maakt, is ook zo'n item.

De goden
Hierop ben ik al eens uitvoerig ingegaan. Dat ga ik nu niet doen, maar haal de kern van het daar (blog 17 maart 2013) gestelde naar voren. Het is echt zinvol om daar nog even na te kijken wat ik er precies over zeg, want wat ik nu even als stellingen naar voren haal kan ik hier uit ruimtegebrek niet verder beargumenteren. Het zijn in ieder geval manieren van hoe in de bijbel over (af)goden gezegd wordt.
- Uitgangspunt ligt in de Godsopvatting uit het eerste deel van de Tien Woorden: God is een bevrijdende kracht met oog en oor voor wie zuchten onder onderdrukking en geweld. Goden daartegenover dienen geen bevrijding, maar onderdrukking.
- Andere goden en machten dan God bestaan, worden dus in de bijbel en door God in hun bestaan erkend.
- Zij zijn werk van mensenhanden, hebben een mond, maar spreken niet. Zij veroorzaken een hart van steen (zoals de Hollandse Michel in het 'Wirtshaus am Spessart')
- Duidelijk benoemd worden de godenmachten Mammon (= geld, winst en marktwerking) en Moloch (=geweld). Deze machten dienen en God dienen kan niet tegelijk.

Godenmachten zorgen ervoor dat mensen vast komen te zitten in gesloten denken. Op persoonlijk vlak. Maar ook in verband met de maatschappij en cultuur waar we deel van uit maken. Sommigen hebben heel sterk de houding dat ónze cultuur nou eenmaal vaste waarden kent waar absoluut niet aan te tornen valt en waarvoor andere culturen dan maar moeten wijken. Dat ook ónze cultuur helemaal niet zo eenduidig is en van alles in zich opgenomen heeft  dat in feite uit andere culturen afkomstig is, wordt daarbij meestal vergeten. Of wel men geeft zich over aan of past zich aan bij ónze cultuur of men moet het land maar uit: oprotten. Anderen zijn er niet van af te brengen dat onze cultuur nu eenmaal gekenmerkt wordt door een geregeld zijn door geld, winst en marktwerking. Dé goden waarvoor men ten diepste knielt. Dit zijn zo een paar vormen van gesloten denken die we vandaag in dominante zin tegen komen.

Bekering
In christelijke kring is dat het woord voor het winnen van mensen voor het Evangelie van Jezus Christus. Hoezeer in christelijke kring ook gedacht wordt dat dat begrip een bijbelse inhoud heeft. Niet dus volgens mijn opvatting. Op dit moment verkeren Joodse mensen in de tien dagenperiode van inkeer die ingaat bij Rosh Hashana, het Joodse Nieuwjaar. Dit feest is op 3 oktober jl. gevierd. Deze tien dagenperiode loopt uit op een ander groot feest: Iom Kippoer, Grote Verzoendag. Je zou kunnen zeggen dat deze dagen bedoeld zijn om na te gaan in hoeverre we in ons gesloten denken vast zitten. In de zin dat we ons niet voortdurend realiseren dat we dingen misschien fout doen in ons leven en niet bereid zijn om daarop terug te komen. Om openingen te vinden hoe je daaruit weg komt. Jijzelf hebt iets gedaan waarop niet is terug te komen. En iemand anders heeft jou iets aangedaan wat jij niet bereid bent te vergeven. Centraal woord in deze periode is Inkeer. Inkeer om te komen tot omkeer. Op Grote Verzoendag wordt die mogelijkheid tot het vinden van nieuwe wegen, van openingen volgens de verhalen door God bevestigd door wat verkeerd gegaan is op een zondebok te leggen en de woestijn in te sturen. Inkeer kan leiden omkeer en dat wil dan zeggen tot terugkeer naar het Verbond met God dat in de Tien Woorden het meest scherp wordt samengevat waar het dan om gaat. Bekering, zo kun je zeggen, heeft dan ook in de eerste plaats te maken met bekering van jezelf. Met Inkeer en Omkeer. Maar niet met iets richting anderen allereerst, ook al zal het impact hebben op anderen dat jij tot inkeer en omkeer bent gekomen.

Zending
Dat begrip wordt in christelijke kring nogal eens opgevat zoals we dat net bij het begrip bekering hoorden. Zoals het bij bekering bijbels gesproken niet gaat over bekering van anderen, maar van ons zelf, zo heeft ook het begrip Zending net precies een andere richting. Hoe het dan wel zit komt naar voren, als we nadenken over de diepere betekenis van het begrip Medemenselijkheid. Ikzelf ben kortgeleden eens op dit begrip terecht gekomen in dit verband. Eerder vond ik dat een wat wazig en vaag begrip. Lees je dit echter bijbels, dan komen interessante denklijnen naar voren.
Medemenselijkheid betekent eigenlijk: mens met de mensen willen zijn. Voor christenen kan dat betekenen dat dan ook hooguit of juist te willen zijn. Dat was ook het diepste wat er van Jezus te zeggen valt. Sterker nog, in de verhalen van het Nieuwe Testament spreekt Jezus over zich zelf als Mensenzoon. Hij wil daarmee zeggen dat het zó is dat God wil zijn die hem zond. God als mens met de mensen. God is geen afstandelijke en mysterieuze grootheid waar eigenlijk niets van te zeggen valt en waar velen ook niet meer van weten hoe ze er mee aan moeten. Ik zie het dan ook zo dat het voor christenen belangrijker is om ons zélf tot mensen te maken in plaats van dat we als christenen menen van mensen christenen te moeten maken. Ze te bekeren dus, zoals dan vaak ten onrechte gedacht wordt. Het gaat niet om de zending van christenen, maar om de zending van God. Hij zendt zichzelf onder de mensen om ze na te zijn, om onder hen te wonen. Voor mensen die zichzelf christenen willen noemen gaat het dan dus niet over hun zending, maar over het navolgen. Om navolging van Christus dus, om het navolgen van waartoe in hem God zich zendt: mens te worden onder de mensen.

Open houding
Dit is geen woordenspel, maar een poging om systematisch onder woorden te brengen waar het hier over gaat. Dat hoeven jullie, lezers, van mij niet aan te nemen als iets dat voor jullie geldt, maar om te kunnen begrijpen waar het bijvoorbeeld in een van de religies gaat. In dit geval in het christendom.
Kijk en denk je zo, dan leidt dit tot een open houding ten opzichte van anderen. Het gaat dan niet over christenen en mensen. Niet over mensen van het ene geloof en ongelovigen, ja heidenen. Niet over mensen van het ene geloof die beter zijn dan mensen die een ander geloof belijden of die helemaal geen geloof belijden. Mens te zijn met andere mensen samen. Gewoon samen naar vluchtelingen toestappen om hun leven een beetje draaglijker te maken en, dat wel ook, de politieke situatie voor hen beter te maken. Of gewoon samen met anderen, met SP-ers bijvoorbeeld, de straat op te gaan om te werven voor een betere situatie in de zorg, waar iedereen belang bij heeft. Dat doen we dan misschien wel als christenen, maar we doen dat niet om andere mensen tot christen te maken. Omkeer dus van een manier van denken die juist weg leidt van de zending van God door inkeer in wat we tegen komen en misschien verkeerd doen waardoor we echter terug-keren tot een houding die dichter bij God en zijn Verbond met ons uit komt.

Han Dijk.











vrijdag 2 september 2016

Vrede in Colombia - 'We zijn blij'

Oorlog en terreur zijn aan de orde van de dag. We horen nauwelijks anders. Diverse aanslagen: Nice, verschillende kleinere aanslagen in Duitsland, dreiging van aanslagen elders tot aan een coup in Turkije. Dat laatste met Soeharto-achtige gevolgen van oppakken van duizenden mensen, waar de zitten gebleven president Erdogan geen vertrouwen in heeft. Verder een Turkse aanscherping van de betrokkenheid bij strijd tegen de Koerden, de enigen die een dagelijkse tegen IS gerichte strijd in Irak en Syrië, behalve natuurlijk de Irakezen en Syrische groepen. Niet mals allemaal en heel lastig om een visie op te ontwikkelen. Wat is het beste om te doen?
Juist nu en tegen deze achtergrond is het een verademing ook een vredesgeluid naar voren te kunnen halen: Na 52 jaar gewapende strijd in Colombia is de vrede gesloten tussen regeringsleger en de FARC (Fuerzas Armadas Revolucionarias de Colombia: Revolutionaire  Strijdkrachten van Colombia). De strijd kostte 220.000 doden en 6 miljoen ontheemden. Een moeizaam vredesproces heeft er in Havana toe geleid dat aan de strijd een eind lijkt te zijn gekomen. FARC-delegatielid van Nederlandse afkomst, Tanja Niemeijer. laat weten: 'we zijn blij'.

Positieve reacties
Er moet nog een heleboel gebeuren, voordat deze vrede handen en voeten krijgt in de dagelijkse verhoudingen in Colombia. De vraag is hoe die er verder dan uit zal zien. De FARC zal de wapens neerleggen, maar wel een marxistische benadering van zaken houden. De regering zal blijven bestaan uit groeperingen die een zeer uiteenlopende koers varen en waar groeperingen als Oxygenio, de groene partij van Ingrid Bétancourt geen directe invloed uitoefenen. Er zullen zeker niet direct verkiezingen plaats vinden. Eerst een proces van acceptatie van de akkoorden van Havana.
Uit kringen van de FARC zijn de duidelijkste positieve geluiden te horen. Dit lijkt opmerkelijk, omdat de geluiden tegen de heersende verhoudingen daar natuurlijk het sterkst waren. Naast de vreugdekreten van Tanja Nijmeijer kunnen we uit de mond van delegatieleider Ivan Marquez optekenen: 'De FARC en de regering hebben de mooiste van alle slagen geleverd, de vrede van Colombia. Dit is onze mooiste overwinning'. Delegatielid Rodrigo Granda zegt 'er is geen ruimte voor overwinnaars of verliezers, als je de vrede bewerkstelligt via onderhandelingen - Colombia wint, de dood verliest'. President Santos voegt eveneens positieve geluiden toe aan het koor van eerste reacties. Hij zegt 'het begin van het einde van lijden, pijn en de tragedie van oorlog is hier aan de orde. De overeenkomst opent de deur naar een meer inclusieve samenleving'.

Gronden voor aarzeling
Wat zijn de in het oog springende punten uit het akkoord?
- Aandacht voor de fundamentele rechten van de meest kwetsbare groepen.
- Aandacht voor hen die meest aangeraakt zijn door het gewapende karakter van het conflict.
- Inrichting van een vredesrechtbank waar alle misdaden worden besproken worden en bekentenissen worden afgelegd met maatschappelijke straffen als consequentie..Enkel cel-straffen, wanneer er gelogen wordt.
Het eerste punt behelst vooral een essentieel item waar de FARC steeds voor gestreden heeft. Toedeling van het land aan de boeren. 52 % van de landbouwgrond is in bezit van 1,5 % van de bevolking. Teruggave van bezittingen aan de 6 miljoen ontheemden. Verder de mogelijkheid aan individuele boeren om  niet enkel van de drugsproductie te hoeven leven evenals aanpak van de handel erin door de FARC.
Het derde punt betreft vooral de aanpak van de diverse extreem-rechtse para-militaire groepen. 31.000 mensen waren betrokken in deze doodseskaders. Verder de aanvechtbare en met geweld verbonden handelingen van de FARC en de regeringstroepen.

Gecompliceerde maatschappelijke verhoudingen
De aarzelende tot aan ronduit negatieve geluiden zijn te horen ten aanzien van de inrichting van de vredesrechtbank. Meer principieel stelt het Human Rights Watch in Colombia zich op. In hun visie moet er duidelijk gestraft worden. Alvaro Uribe, de vorige president en mentor van de huidige, Santos, redeneert vanuit de kritiek die er altijd op de FARC was: ze maakten vele burgerslachtoffers, persten lokale gemeenschappen af, pleegden vele aanslagen, ontvoerden kopstukken uit de samenleving, drugshandel had een centrale plaats, in verband met hun financiën. Uribe zal naar verwacht wordt vooraan staan in de NEE-beweging bij het volksplebisciet op 2 oktober. Hij vindt de FARC narco-terroristen. Eveneens in deze kringen zal weinig animo bestaan voor de radicale landhervormingen die aan de orde zullen komen.
In FARC-kringen zijn daarentegen ook wel minstens als aarzelend te benoemen geluiden te horen hier en daar. Vooral in die afdelingen die sterk te maken hadden met extreem-rechtse para-militaire groepen of zich bedrogen voelden door eerdere schijnoperaties ter verbetering van de situatie in het land. Er is tenslotte zelfs nog een andere linkse bevrijdingsbeweging, de ELN, die aan het proces
niet wenst deel te nemen.
Toch is de algemene verwachting dat gaandeweg de verhoudingen in Colombia tot het normale zullen terug keren. Ook zonder inmenging van VS en CIA die op een bepaald moment zelfs zeven vliegvelden wensten aan te leggen om de beruchte War on Drugs van Bush gestalte te geven.                                                                                                  
Han Dijk.                                                                                                                                                                                                                                                      

woensdag 29 juni 2016

Groot-Brittanië breekt.

Het is een half jaar geleden dat ik voor het laatst een blog schreef. Het wordt tijd. Dat in ieder geval. Er waren persoonlijke en werkredenen. Die zorgden er minstens voor dat ik geen tijd en vooral ook rust vond om tot schrijven te komen. Het is dan daarnaast ook zo dat er soms een tijd lang geen thema is dat me dusdanig boeit dat ik het niet kan laten er over te schrijven. Maar plotseling kan er zo'n thema opduiken: 'Groot-Brittannië breekt'. Dát maak ik van het ook in Nederland in veler monden voorkomende gespreksonderwerp van 'Brexit'. Vorige week donderdag 23 juni het roemruchte referendum. Maar ook nog er direct achteraan: Engeland wordt zondagavond jl. uit het EK voetbal geknikkerd door nota bene de 'zonen' (-sons) van IJsland.

In gesprek met Engelsen
Je zult maar in Engeland wonen momenteel en zondagavond in de pub geweest zijn. Of als vakantieganger met interesse de gesprekken allemaal aangehoord hebben.Wat voor verwarring zal er te beluisteren geweest zijn of ook verdriet en teleurstelling of juist gedeeltelijk nog aanwezige roes dat jouw standpunt het donderdag won. Uit het EK gegooid worden door nota bene voetbaldwerg IJsland moet dan echter weer pijn gedaan hebben. Hoewel 'voetbaldwerg'? Voetbalanalist zoon Joeri Mulder verwoordde het misschien wel heel juist: voetbaldwergen zijn misschien niet allemaal meer dwergen. Ook zouden er minder landen aan het EK deelnemen, wat sommigen wensen, wil dat nog niet zeggen dat niet gebeurd zou zijn, wat nu gebeurde. Zeker in het geval van IJsland moet gezegd worden dat vele spelers uiteindelijk groot geworden zijn in de competities in grote voetballanden als juist Engeland, Duitsland, Italië, Spanje, Frankrijk en Nederland - ja ook groot voetballand Nederland. Net als overigens Italiaanse spits Graziano Pelle of de Bosnische Zweed Zlatan Ibrahimowitz aan journalisten vertelden hoeveel ze opgestoken hebben in ons land.

Terug naar een af dat niet bestaat
Daar valt meer over te zeggen, maar niet nu. Ik wil het hebben over het breken van Groot-Brittannië of het Verenigde Koninkrijk. 52 % van de mensen willen terug naar een af dat niet meer bestaat. Ze hebben de illusie dat dat wel gaat gebeuren, wanneer ze het zelf allemaal weer zullen kunnen beslissen. Velen van deze stemmers denken dat ze dan weer zullen worden als in de koloniale tijd van het British Empire. Een tijd waarin Groot-Brittannië groot werd en groot was, een wereldwijde mogendheid. Vooral kunnen ze nu zelf bepalen, zo is de illusie, dat het dan afgelopen zal zijn met buitenlandse inbreng in de Britse cultuur en economie door de massa's vluchtelingen die binnenstromen. Op het economische vlak bestaat ook de tweede grote illusie dat gewone mensen zelf zullen kunnen bepalen of het eindelijk afgelopen zal zijn met de tijd van de grote bezuinigingen die ook hén raken. Evenals overal elders in Europa zal dat met gewone mensen gebeuren en blijven gebeuren, als dáár geen voldoende verzet tegen komt. Ook in het Britse parlement zal de democratie gekneveld blijven worden door diegenen die menen dat er geen alternatief is dan bezuinigen op zwakke groepen en sectoren. Voormoeder Mrs. Thatcher zei al in de tachtiger jaren 'There is no alternative' (TINA). De geest van dat mens is uit de hoofden van velen nog altijd niet weg.

Breukvlakken
Groot-Brittannië is bezig te breken. Dat heeft veel met de andere 48% van de stemmen te maken. Heel uiteenlopende zaken maken dit duidelijk. Veel daarover is natuurlijk ook al in het nieuws geweest, maar iets van een overzicht is misschien aardig. Allereerst zijn er de Schotten. Deze zijn al bezig te bedenken hoe ze nu na een eerder referendum over hún onafhankelijkheid die lijn verder kunnen doorzetten nu. Een grote meerderheid wilde niet uit de EU. De links georiënteerde SNP kennende zullen ze Europa vast menselijker en minder bankgericht willen, maar dus wél binnen dat kader. In Noord-Ierland zien we andere breuk-oriëntaties. De pro-Ierse partij Sinn Fein stelt voor dan nu maar zich bij Ierland aan te sluiten en zo binnen de EU te blijven. Mij is op dit moment niet duidelijk hoe zij een ja tegen de EU daar beargumenteren. Dan is er Labour in Engeland. Interne conflicten nu over dat hun leider Corbyn onvoldoende leiding zou hebben gegeven en daardoor onvoldoende het ja tegen EU-front stem gegeven zou hebben. Er is al een groeiende groep mensen die het referendum als ongeldig zien, omdat te weinig zakelijke informatie een rol gespeeld heeft. In Engeland is er de spanning tussen het Noorden en Londen waar de meeste EU-georiënteerden wonen. En last but not least het conflict binnen de Conservatives tussen Cameron en Johnson over wie nu de leiding heeft. Cameron als gematigd proEu-man en Johnson als ferme tegenstander die de meest absolute anti-EUclub van de UKIP eronder moet zien te houden. Wat een chaos. Welke kant moet dat op? Het meest positieve vind ik wel dat de Britten er goed aan doen om in ieder geval iets van hun eigenheid, hun humor ook te willen bewaren. Want die is er ontegenzeggelijk en dat maakt ze ook tot zulke leuke mensen om te ontmoeten, als je er bent. En dat kun je blijven doen, hoe dan ook.

Desertie van de generaals
Boris Johnson, prominente breker uit het Conservatives-kamp, was direct het eerste weekend nam het Referendum al niet meer te vinden. Niet lang daarna bleek ook UKIP-leider en top-breker zich terug te trekken als leider. Wat een lafheid!




Nationale soevereiniteit en democratie
Maar waar gaat het eigenlijk over in deze Britse beweging voor uittreding uit de EU? Deze vraag valt op uiteenlopende manieren te beantwoorden. Één manier is om hem te beschouwen als een beweging van mensen (ik houd niet van het woord 'burgers', dat in dit verband vaak gebruikt wordt) die het zat zijn om als maar niet gehoord te worden. Op een heel aantal terreinen niet. Zij willen de volle nationale souvereiniteit terug. Of ook: ze willen de democratie terug.
Probleem is hier op dit moment en op deze manier dit terug willen dat er veel illusionairs in zit, omdat geen goede, sociale en anti-neoliberale analyse wordt gemaakt. Bovendien is het een manier van terugwinnen van de zeggenschap die extreem rechts vooral goed doet. Je kon gisteren gelijk ons rechtsextreme wonderkind Wilders een zelfde type eisen horen stellen, uitlopend op een Nexit. Het gaat dan namelijk over democratie of zo iets in termen van 'eigen volk eerst' en daarbij ook nog: weg met de anderen, de moslims voorop. Dat dan veelal met een heleboel onderbuik-kletskoek en dito leuterpraat eromheen dat de zin van zo'n actie moet duidelijk maken. Alsof de komst van vluchtelingen, moslims en Polen om maar wat op een rij te zetten de oorzaak is van problemen waar kwetsbare groepen in de (eigen) bevolking in de eerste plaats last van hebben.

'Er is geen alternatief'?
We hebben echter hier te maken met een verlies aan democratie in de zin van dat grote groepen mensen als maar de dupe zijn in het moeten ophoesten van weer een bezuiniging, omdat het de banken en de grote concerns zogenaamd niet goed genoeg gaat. Steeds weer laten mensen en groepen mensen horen dat dat steeds minder of in steeds meer gevallen helemaal niet meer gaat. Dit terwijl de degenen die de macht hebben als maar roepen dat dit soort hervormingen, neoliberale hervormingen, nu eenmaal nodig zijn om als samenleving overeind te blijven. 'Er is geen alternatief' blijven we maar te horen krijgen. Vorig jaar kwam sterk naar voren dat de Grieken met zo'n benadering te maken hebben. Van deze situatie blijven we getuigenis ontvangen van de kant van Yanis Varoufakis. Hij was enkele maanden minister van economische zaken in de regering die gevormd was door de linkse tegenbeweging Syriza. Hij was echter te links voor typen als Schäuble en Dijsselbloem. Met hem was geen politiek van neoliberale hervormingen te bakken. Op geen enkele manier. Hij is echter niet stil gaan zitten in een klein hoekje met de armen over elkaar. Hij is begonnen met een Europese beweging van vergelijkbare stromen in diverse landen, maar ook breder dan hen: DIEM 25. Hij gaat ervan uit: 'De EU zal worden gedemocratiseerd of ze zal uiteenvallen'. In april was hij ook in Nederland om bekendheid te geven daaraan. Een andere keer meer hierover hoe dat zich ontwikkelt, ook hier, en met wat voor gedachten precies.

Democratie tegen kapitalisme
Tenslotte nog twee geluiden die kunnen helpen om alvast in je denken verder te komen en iets van een perspectief te zien wat er binnen EU-verhoudingen in principe wel kan en wat ten goede komt aan de mensen en niet aan de machthebbers. Verder te komen in je denken, zodat je klaar staat om in verzet te komen, als zich een duidelijke beweging in je lokale omgeving voordoet.
Ellen Meiksins Wood, bij leven hoogleraar politieke wetenschappen in Toronto - ze is onlangs overleden - gaf mij in de moeilijke tijd van vlak na de val van de Sowjet-Unie en de Muur een belangrijk nieuw gezichtspunt. We moeten niet vergeten dat democratie vanuit haar oorsprong in het oude Griekenland niets anders betekent dan 'volksheerschappij'. Zo wordt in toenemende mate minder door de heersenden naar dit begrip gekeken. Het is teruggebracht tot een vorm van machtsuitoefening waarin de bevolking nog slechts in afgeleide zin, via vertegenwoordigers enige inbreng heeft door eens per vier jaar aan verkiezingen deel te nemen.  Zou je democratie eveneens in diverse essentiële andere sectoren toepassen, zoals in economie, onderwijs, gezondheidszorg, in buurten dan zou pas sprake zijn van een begin van democratie. Ze zegt verder dat het kapitalisme vandaag het tegendeel doet: alles moet in private handen terecht komen. De marktwerking wordt als essentiëler gezien dan zeggenschap van de bevolking, dan democratie. Zo komt Meiksins Wood in het kort gesteld tot de stelling die een boek van haar als titel heeft: 'Democracy against capitalism'.

Werken aan steeds verder gaande democratisering betekent dan ook afbraak van het kapitalisme. Kapitalisme bevordert dus geen democratie, maar breekt die af, wat als maar ook gezegd wordt van (ook) onze betrokkenheid in het Westen bij oorlogen conflictgebieden. Daar wordt helemaal geen democratie gebracht, daar worden (olie)belangen en invloedssferen van hogerhand veiliggesteld. Ook worden oorlogen gevoerd om de wapenproductie nodig te laten blijven. Van hieruit komen vluchtelingenstromen op gang die door sommigen dan weer de zee in gestuurd worden,
Emile Roemer van de SP stelde in zijn rede bij de aanvaarding van het lijsttrekkerschap voor de komende verkiezingen in feite het zelfde. Ja, de soevereiniteit moet terug bij het volk, maar dat kan door de EU volledig anders in te richten. In ieder geval de SP wil zich daarvoor in zetten. Beter zoiets dan Nexit-achtige benaderingen.
Mijn ervaring is inmiddels wel dat mensen niet veel aan alternatief meer in hun hoofd hebben. Zo blijkt in gesprekken. Je komt er bijna niet doorheen met een andere kijk op de dingen. Ménsen moeten worden open-gebroken. Net als toen ineens openingen sprongen in het Koude Oorlogswaas.

Han Dijk.

woensdag 30 december 2015

Het worden weer Schiere monniken.

Of het schiere (waar je het mee eens kunt zijn) monniken geworden zijn, valt niet zomaar te zeggen. Geen een is mij meer bekend. Ze lopen wel in pij op straat tegenwoordig, zoals de recente documentaire voor tv laat zien. Dat is een stap terug ten opzichte van de tijd dat ik ze kende en toen het er nog heel wat waren. Toen zijn verschillenden buiten een gewoon pak gaan dragen. Ze hoorden bij de samenleving. Ze waren niet exotisch en het apegapen waard. Ik heb het over de monniken van Abdij Sion, Diepenveen. Ze moeten verhuizen, omdat ze het in het te groot geworden klooster niet redden. Een goede, want historisch verantwoorde keuze, dat zeker, om Schiermonnikoog weer een plek te maken waar Schiere (grijsgrauwe, vandaag zwart-witte) monniken rond lopen en een woon- en vierstee krijgen.

Nieuwswaarde, herinneringen
Opmerkelijk zoveel nieuwswaarde deze verhuizing kennelijk heeft. Getuige kranten en tv. Maar ook diverse Facebook-reacties uit het hele land, zij het verschillenden van mensen die ik uit Groningen ken, toen ik daar studeerde. Maar ook hier in Deventer waar deze monniken vandaag vandaan komen, omdat de gemeente Diepenveen al enkele jaren geleden opgeslokt is door de gemeente Deventer. Verschillende mensen hebben het erover, alsof het klooster niet alleen bekend was in deze contreien, maar dat het ook een bepaalde betekenis had. Minstens vriendelijk bejegend werd. Niet alleen door katholieken. Nou, mooi, want zo'n vriendelijke bejegening wens ik de kloosterlingen van vandaag ook toe.

Zoals gewoonlijk ben ik in het holletje van het jaar altijd wat met herinneringen bezig. Ze komen vanzelf op, als ik naar de top 2000 luister of kijk. Het nieuws over Sion is echter ook zo'n feit dat direct herinneringen op doet komen. Ongeveer aan dezelfde tijd, de eind zestiger en zeventiger jaren van de vorige eeuw. Er was een levendig oecumenisch contact tussen de hervormde gemeente Wesepe en het klooster, met de paters. Mijn moeder, domineesvrouw, mocht er zelfs binnen het slot komen. Dat wil zeggen binnen dát gedeelte van het klooster waar niet-kloosterlingen niet welkom waren en zeker vrouwen niet, waar ze zichzelf konden zijn. Het was de tijd dat de monniken van Sion graag naar Wesepe (dorp tussen Deventer en Raalte met een overheersend hervormde bevolking) kwamen in de Kerstnachtdienst om liederen ten gehore te brengen en mee te zingen. Ze kwamen vermoedelijk ook graag, omdat ze even onder de gewone mensen konden zijn dan en op de pastorie een kopje koffie mochten komen drinken. Het was de tijd dat we met een jongerenkoor uit Wesepe in de kapel van het klooster mochten zingen. Speciaal op Witte Donderdag.

Dagelijks leven
Met verschillende individuele paters waren er contacten. Die kwamen soms ook uit zichzelf aanwaaien. Pater Thomas kwam regelmatig een theologisch en maatschappelijk gesprek voeren. Hem hebben mijn zus Désiréé en ik ooit voor het Deventer Dagblad een interview afgenomen. De krant gaf lezers daartoe gelegenheid toen. Pater Leon kwam als mede-Leidenaar nog wel eens langs (mijn vader woonde lange tijd in Leiden), maar vooral ook als muziek- en liturgieliefhebber (als cantor van het klooster). Bijzonder was dat hij eens wilde horen van welke muziek ik hield. Hij wilde de muziek van die dagen leren kennen. Hij wilde jongeren leren kennen. Pink Floyd, Santana en Jimi Hendrix, maar ook 'A whiter shade of pale' van Procol Harum kreeg hij te horen. Vast ook, mijn favorieten kennende, zullen de Rolling Stones niet ontbroken hebben. Aan het einde van mijn schooltijd, bij het eindexamenfeest dat mijn huidige huiseigenaar Bart en ik hielden, was hij nota bene de disc jockey. Hij had geweldige muziekinstallaties gemaakt en nam er een mee om te gebruiken tijdens dat feest.
Dan was er pater Augustinus, de organist bij de koorzang. Hij kwam soms zo maar langs op een ochtend, op zijn fiets. Hij wel in pij trouwens. Gewapend met tassen vol bladmuziek. Hij kwam na een kopje koffie graag op de piano van mijn moeder spelen. In het kader van het oecumenische werk in Wesepe kwamen dan tenslotte de paters Rainerus en Lebuinus nogal eens over de vloer. Zo kan ik nog wel een tijdje doorgaan. Het kwam zover dat op de verjaardagen van mijn ouders altijd een delegatie van het klooster, incl. Vader Abt, een glaasje mee kwam drinken.
Een verhaal als dit kunnen niet veel mensen vertellen, wil ik wedden. Zeker na lange tijd kan ik zeggen dat dit dus eigenlijk heel bijzonder was. Toen hoorde het zo ongeveer bij het dagelijkse leven.

In de serene kloostergangen
Een heel bijzondere dimensie van dit contact was wel dat ik zelf van tijd tot tijd een weekje in het klooster mocht doorbrengen. Binnen. Niet in het gastenverblijf, maar echt binnen, op een monnikencel. Ik mocht mee zingen in het koor, bij alle getijden, in de koorbanken - mijn mooiste en grondleggende oecumenische ervaring - en ik mocht mee eten in de refter. Genieten van de stilte tijdens het eten. Enkel tikkende messen en vorken te horen op de borden van email. Mijn bord ophouden voor een pater of broeder die langs kwam om je te bedienen. De pater van dienst las uit een stichtelijk werk voor. Het enige dat er aan stemgeluid viel te horen tijdens zo'n middagmaaltijd. De ellende was alleen, voor mij tenminste, dat voorgelezen werd uit een werk van de Hongaarse bisschop Mindzenty. Dat was voor mij eerder anti-mystiek en anti-spiritueel. Enkel anti-communistische klanken waren te horen. Van die typische Koude Oorlogsklanken waar zelfs geen zweem van wil tot dialoog te horen viel. In een tijd waarin ik steeds linkser werd was dat bijna om onpasselijk van te worden.
Wat individuele monniken van dat geklets vonden, weet ik niet. Misschien vonden ze het wel een voorbeeld van de maatschappijbetrokkenheid van die dagen. Maar ik begon er ook niet over, als ik met verschillenden van hen samen was. Het was eigenlijk niet de sfeer die daar heerste. Er was bij velen grote openheid ten aanzien van andersdenkenden. In het gastenverblijf waren in die dagen velen die na een politieke strijdperiode in studenten- en democratiseringsbeweging kwamen afkicken en tot rust komen. De term 'alternatief' had toen nog geen gebroken betekenis. Het kon ook slaan op de hippie- en liefde-alom-beweging van die dagen. Vaak waren het dezelfde mensen. De politiek- en mystiekgeïnteresseerden. Zij het misschien wel met verschillende accenten. De een meer politiek en de ander meer mystiek geïnteresseerd. Iets daarvan is in de muziekinteresse van mensen te bespeuren voor groepen als Pink Floyd, Janis Joplin, The Grateful Dead en noem ze maar op uit de hoek van Westcoast-, Underground-, Blues- en Folkmusic. Leon hield rond deze muziek op donderdagavonden sessies. In een ruimte van het gastenverblijf in het klooster stonden de kaarsen aan, de stoelen aan de kant, de kussens op de vloer, vers geplukte bossen bloemen in het midden. Er werd nog net niet geblowd. Maar het zou er prima passen.

'Stilte, zekerheid, verlangen'
Serene stilte
brengt de raderen in beweging
Hallucinatie
van de donkere kloostergangen
als de binnenkamer
van de wereld
met een venster
op de eeuwigheid
zwart-wit
heit de klepel
maar weet ik waar die hangt?
het eeuwige
raakt hier de eeuwigheid
dat is de enige zekerheid
het verlangen
speelt de hoofdrol
in het stuk
van het leven
maar verlangen waarnaar?
bestaat er een uitkomst?
(29 juni 1972)

Han Dijk.

zaterdag 7 november 2015

'En? Al met een nieuw boek bezig?'

Een vraag die me zeker ondertussen in Deventer nog al eens tegemoet komt. Daar is 'Op de grens tussen werelden' per slot eerder gepresenteerd en hadden meer mensen het al in handen. Wat moet een schrijvend mens anders doen, als het boek uitgekomen is? Mensen hebben daar begrijpelijk geen voorstelling van. Ook niet over hoe zo'n boek tot stand komt.
Om te beginnen moeten er wel eerst verhalen worden geschreven, als het een zelfde type boek moet worden. Of sterker: ze moeten eerst wel worden beleefd. Het zijn immers geen verzinsels? Het opschrijven ervan is ook niet een kwestie van gaan zitten en schrijven. Het kost tijd om je hoofd daartoe leeg te krijgen en tijd echt vrij daarvoor te maken. Nu zijn er al verschillenden die mij dan denken te helpen: kijk, een nieuw verhaal hier. Op zich wel een positief teken natuurlijk dat mensen met je mee zijn gaan denken. Ze zijn mij dichtbij zich gaan voelen. Eigenlijk bijna zoiets van dat ik verantwoordelijk ervoor word om hún verhalen op te schrijven, want zij maken van zo'n verhaal wellicht deel uit. Ze zouden zo'n verhaal dan ook graag weer te lezen krijgen. Ze zouden er voor een stukje onsterfelijk door worden. Een interessante cirkel. Dat krijg ik er echter vermoedelijk van, als ik zeg: 'ik schrijf voor jou'. Dan leggen sommige mensen iets daarvan bij je terug. Misschien ook omdat ze menen het zelf niet te kunnen, schrijven.

Zorgen dat het verkocht wordt
Voorlopig ben ik nog wel even bezig met het na-werk bij de productie en alles wat dáár ook vooraf al bij kwam kijken: zorgen dat het verkocht wordt. Zelfs eerder een blog schrijven kwam er nog niet van.

Gelukkig geen treurige, zakelijke en materiële aangelegenheid dit na-werk. Het gaat met heel veel gesprekken over het boek gepaard. Vaak heel leuke gesprekken. Korte en soms heel lange. Verrassend wel. Soms zelfs gewoon op straat, als ik mensen tegen kom. Die beginnen zomaar over het boek te praten. Over de inhoud, omdat ze zo langzamerhand leeservaringen beginnen te krijgen. Of omdat ze die bijzondere presentatie

                                                                                   

bij de markante boom aan de oever van de IJssel begin augustus moesten missen. Maar ook in het café. Kom je met onbekende mensen aan de praat, dan komt onherroepelijk het gesprek op 'en wat doe jij dan zoal?' Vertel ik bij wijze van spreken slechts in een bijzin net een boek uitgegeven te hebben... hup daar gaat ie dan weer. Het zoveelste gesprek. Ook soms over hoe een boek tot stand komt trouwens. Mensen zijn geïnteresseerd en benieuwd. En er is weer een boek verkocht. Of de verkoop in het algemeen goed loopt, valt nog nauwelijks te zeggen. Ook niet nu ondertussen, op 24 oktober jl. , er ook in Amsterdam een presentatie was. Pas nu begint het langzaam aan in meer boekhandels te liggen.
Op een gegeven moment kreeg ik zomaar van iemand die ik niet eens zo heel goed ken een mailtje met het foto-bewijsstuk bijgevoegd: het boek ligt pontificaal in de etalage van boekhandel Praamstra, dé boekhandel in Deventer. Het heeft er sinds de verschijning heel lang gelegen plus nog een stapeltje op de eerste tafel bij binnenkomst. Chrisjan van Marissing, een vooraanstaande man in die boekhandel sprak de voor een behoorlijk onbekende debutant als ik ben bemoedigende woorden: 'Ach ja, iets moet eerst op gang komen. Je hoeft het schrijven niet direct op te geven, als je niet in de top tien belandt'. Iemand uit het boekenvak dus die niet allereerst denkt in termen van winst en verkoopcijfers. Heeft men een zelfde geduld in BRUNA-zaken, waar die ligt?
Een heel ander gesprek kreeg ik te voeren met Monique Burger van de Nieuwe Boekhandel in de wijk Bos en Lommer in Amsterdam. Ze zou het leuk vinden, als ik haar concept van werken nog eens onder de aandacht wilde brengen. Inderdaad als je haar nieuwsbrief ziet, dan kun je bijna omvallen van de diverse lees- en schrijfactiviteiten die ze aanbiedt. Van voorlezen met kinderen op gezette uren tot een lezing met mogelijkheid tot signeren als afronding en een langer lopend leesgroepje. Wij, schrijvers, hebben er belang bij om ergens te liggen. Boekhandels om een klantenkring op te bouwen en te handhaven. Gezamenlijk is het belang dat er gelezen blijft worden, dat mensen de weg naar een boek weten te vinden. Dit is de meer ideologisch/idealistische en niet-materiële kant van de zaak.

Lezers van dit boek
Daar hang ik ook het meeste aan. Ook al moet ik er natuurlijk tegelijk aan verdienen. Ik praat extra graag over mijn boek, als het eind van het liedje weer een verkocht exemplaar is. Zo eerlijk wil ik wel zijn. Maar gelukkig zijn de gesprekken naar aanleiding van ook echt leuk en verrassend. Het zijn gesprekken tussen lezer en schrijver. Toch tegelijk ook een gesprek tussen twee lezers. Het wonderlijke doet zich voor dat ik zélf mijn boek op een andere manier ben gaan lezen dan toen ik de erin opgenomen verhalen los wel eens las en er van een boek nog helemaal geen sprake was. Een tweede cirkel die zich blijkt voor te doen. De schrijver wordt eveneens lezer van het boek dat hij schreef.

Verhalen roepen andere verhalen op
Het blijven allereerst verhalen voor jou, voor de lezer(es). Ook vooral luchtige verhalen zonder meer betekenis dan ofwel de verhalen zelf aanduiden of jij er in hoort. Voor mij persoonlijk is nog weer eens duidelijker geworden wat de betekenis van het verhaal is of kan zijn. Het is op dié manier dat de de omgang met werkelijkheid door mensen wordt beleefd en min of meer naar buiten wordt gebracht. Verhalen roepen andere verhalen op en kunnen soms ook andere verhalen, dat is andere werelden verhelderen. Zo kwam mij op Facebook onlangs een hartekreet van een huisarts onder ogen onder de titel 'Allesvrezers'. Mensen zijn nogal eens te zeer onder de indruk van alles wat potentieel verkeerd zou kunnen uitpakken met een medicijn of een (medicamenteuze) behandeling. Dan zitten ze al bij de dokter en denken dat ze er al last van hebben. Deze huisarts heeft de nodige moeite met deze allesvrezers die niets mankeren maar bovendien bang zijn voor alle voedsel omdat je er kanker, hoge bloeddruk, hersen- en hartinfarcten van kunt krijgen. Voor mij riep dit op hoe het onder verschillenden in den lande is, als het gaat over asielzoekers en vluchtelingen. Die hebben de neiging om alles wat niet goed uitpakt of uit zou kunnen pakken te generaliseren en alles en iedereen over één kam  te scheren. Actief als vrijwilliger mensen welkom heten kan iemand echter veel positieve energie bieden. Een dergelijke kijk op de dingen is dan helemaal uit het vizier.

Verhalen als gelijkenissen
Verhalen uit verschillende werkelijkheden en dat is uit verschillende werelden naast elkaar zetten en in elkaar begrijpen maakt kortom vaak veel directer duidelijk waar het menselijkerwijs over gaat of wel eens zou kunnen gaan dan zakelijke analyses, laat staan bureaucratische regeringspraat.  Wat niet wegneemt dat zakelijke analyses wel degelijk ook gemaakt moeten worden. Persoonlijk heb ik een langdurige ervaring met het lezen en tot me nemen van bijbelverhalen. In de Evangeliën zijn dat vaak gelijkenissen. Zonder dat ik daar bewust mee bezig ben schrijf ik eigenlijk mijn verhalen alsof het gelijkenissen zijn. Althans zo komen ze achteraf op me af. Uit het dagelijkse leven grijp ik de verhalen op.
Gelijkenissen in de Evangeliën zijn bedoeld om tipjes van de sluier van het Koninkrijk van God op te lichten. Zo van: als je de clou van dit verhaal helder voor ogen krijgt ga je iets van de ruimte en vrijheid zien en voelen die in het Koninkrijk van God aan de orde zijn. Je ziet verschillende werelden en je ervaart de grenzen die er tussen liggen. Zien dat grenzen niet tot muren moeten stollen is misschien wel dé theologische boodschap die ik in mijn leven meedraag naast mijn aandacht voor wie kwetsbaar in deze wereld staat. De gelijkenissen die Jezus vertelt zijn ontleend aan de dagelijkse werkelijkheid om hem heen. Dus middels gelijkenissen laat Jezus tegelijkertijd een stukje van die andere, mooie werkelijkheid zien waarin recht en vrede gelden. Dat ik hierbij uit kom in mijn reflecties op mijn eigen boek zal wel komen, omdat ik een geseculariseerd theoloog en christen ben. Het is geen kwestie van 'oh, dus toch - we worden stiekem langs een achterweg toch de bijbel in geloodst!'. Nee, in mijn boek staan verhalen die ik zélf achteraf onder andere interpreteer in relatie tot de gelijkenissen uit de bijbel. En dat verrast mij. Als de bijbel in het leven geen hout zou snijden of omgekeerd het leven in bijbelverhalen niet terug te vinden zou zijn, dan weet ik niet waar we het over hebben. De derde cirkel die ik persoonlijk scherper te zien krijg.

Zo keert het boek als een weldadige boemerang op mezelf terug als een zich rondende cirkel.
                               
Han Dijk.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                        'Op de grens tussen werelden' is verschenen op 1 augustus van dit jaar en in Deventer en Amsterdam gepresenteerd. Het is in verschillende boekhandels te verkrijgen, zeker in de buurt waar ik ooit woonde, leefde, werkte. Of te bestellen bij www.Artnik.nl . Het ISBN-nummer is 978-94-90548-25-4. Je kunt nog een exemplaar kopen en aan vrienden cadeau doen rond Sinterklaas of Kerst. Het is mogelijk dat ik hier of daar een leesgroepje rond dit boek organiseer. Onderweg in de genoemde cirkel kom ik mijn lezers tegen en heb een bijzonder contact met velen gekregen daardoor. Laat weten of je belangstelling hebt en stuur me een mailtje: j.p.gdijk@kpnplanet.nl